Словарь
10 слов · страница 1 из 1
tachtigA1
восемьдесят
Mijn oma is tachtig jaar.
tenzijB2
если только не
Wij gaan door, tenzij u bezwaar maakt.
tienA1
десять
Ik heb nog tien minuten.
tijdensA1
во время
Tijdens de les mag je niet bellen.
totA1
до
De winkel is open tot zes uur.
tussenA1
между
De winkel zit tussen de bank en het café.
twaalfA1
двенадцать
We eten om twaalf uur.
tweeA1
два
Ik heb twee kinderen.
tweedeA1
второй
Neem de tweede straat rechts.
twintigA1
двадцать
Het kost twintig euro.

