Словарь
361 слов · страница 5 из 15
septemberA1
сентябрь
De school begint weer in september.
de serieA2
сериал; серия
Ik kijk elke avond een aflevering van mijn favoriete serie.
de serveersterB2
официантка
De serveerster nam onze bestelling op.
de serverB2
сервер
De gegevens staan op een server in Nederland.
het servetA2
салфетка
Er liggen servetten op tafel.
de serviceA2
обслуживание, сервис
De service in deze winkel is altijd erg goed.
de servicedeskB2
сервисная служба
Meld de storing bij de servicedesk.
de servicekostenA2
коммунальные сборы
De servicekosten komen boven op de huur.
het serviceniveauB2
уровень обслуживания
Het afgesproken serviceniveau wordt niet gehaald.
de sfeerB1
атмосфера, настроение
Op het feest was een gezellige sfeer.
het shirtA1
рубашка, футболка
Hij draagt een wit shirt.
de showA2
шоу, представление
De show begint om acht uur in het theater.
het signaalwoordB2
слово-сигнал
'Daarentegen' is een signaalwoord voor tegenstelling.
de simkaartB2
SIM-карта
De simkaart past niet in dit toestel.
de sinaasappelA1
апельсин
Ik pers elke ochtend een sinaasappel.
sinterklaasB2
праздник Синтерклааса
Sinterklaas is vooral een kinderfeest.
de situatieA2
ситуация
Leg de situatie even uit.
de slaA1
салат (листовой)
Er ligt sla in de koelkast.
de slaapA1
сон
Ik heb te weinig slaap gehad.
het slaapgebrekA2
недосып
Door slaapgebrek kan ik me slecht concentreren.
de slaapkamerA1
спальня
Wij hebben twee slaapkamers.
de slaapkwaliteitB2
качество сна
Schermgebruik verslechtert de slaapkwaliteit.
het slaapmiddelB2
снотворное
Een slaapmiddel is geen langetermijnoplossing.
het slaapritmeB2
режим сна
Nachtdiensten verstoren je slaapritme.
het slachtofferA1
пострадавший
Het slachtoffer is aanspreekbaar.

