Словарь
62 слов · страница 1 из 3
oefenenB1
oefende · hebben geoefend
упражняться, практиковаться
Je moet elke dag oefenen.
omgaanB1отделяемыйнеправильный
ging om · gingen om · zijn omgegaan
обходиться, справляться (omgaan met)
Hoe ga je om met stress op je werk?
onderbouwenB2
onderbouwde · hebben onderbouwd
обосновывать
Kun je die stelling onderbouwen met cijfers?
onderbrekenB2неправильный
onderbrak · onderbraken · hebben onderbroken
перебивать
Laat hem uitspreken en onderbreek hem niet.
onderduikenB2отделяемыйнеправильный
dook onder · doken onder · zijn ondergedoken
уходить в подполье
Duizenden mensen moesten onderduiken.
onderhandelenB1
onderhandelde · hebben onderhandeld
вести переговоры
We onderhandelen nog over de prijs.
ondernemenB2неправильный
ondernam · ondernamen · hebben ondernomen
предпринимать
We moeten snel actie ondernemen tegen het probleem.
onderscheidenB2неправильный
onderscheidde · onderscheidden · hebben onderscheiden
различать
Onderscheid feiten van meningen.
ondersteunenB1
ondersteunde · hebben ondersteund
поддерживать, помогать
De coach ondersteunt nieuwe medewerkers in hun eerste weken.
ondertekenenA2
ondertekende · hebben ondertekend
подписывать
Onderteken het contract onderaan.
ondertitelenB2
ondertitelde · hebben ondertiteld
субтитрировать
Nederlandse films worden zelden ondertiteld.
onderzoekenA2неправильный
onderzocht · onderzochten · hebben onderzocht
расследовать
Journalisten onderzoeken de zaak nog.
обследовать (пациента)
De huisarts onderzoekt haar knie.
ontbijtenA2неправильный
ontbeet · ontbeten · hebben ontbeten
завтракать
Wij ontbijten om zeven uur.
ontbrekenB2неправильный
ontbrak · ontbraken · hebben ontbroken
недоставать, отсутствовать
Op het formulier ontbreekt nog uw handtekening.
ontdekkenA2
ontdekte · hebben ontdekt
обнаруживать
Ik ontdekte een fout in het formulier.
ontdooienB2
ontdooide · hebben/zijn ontdooid
размораживать
Laat vlees in de koelkast ontdooien.
onthoudenA2неправильный
onthield · onthielden · hebben onthouden
запоминать
Ik kan die naam nooit onthouden.
ontkennenB2
ontkende · hebben ontkend
отрицать
Hij bleef alles ontkennen.
ontmoetenA2
ontmoette · hebben ontmoet
встречать, знакомиться
Ik heb haar op een cursus ontmoet.
ontradenB2неправильный
ontraadde · ontraadden · hebben ontraden
отговаривать
De arts ontraadde die combinatie.
ontroerenB2
ontroerde · hebben ontroerd
трогать, растрогать
Het verhaal ontroerde de hele zaal.
ontslaanA2неправильный
ontsloeg · ontsloegen · hebben ontslagen
увольнять
Er worden dit jaar geen mensen ontslagen.
ontsnappenB1
ontsnapte · zijn ontsnapt
сбегать
Twee gevangenen zijn uit de gevangenis ontsnapt.
ontspannenB1неправильный
ontspande · ontspanden · hebben ontspannen
расслабляться
In het weekend probeer ik te ontspannen.
ontstaanB1неправильный
ontstond · ontstonden · zijn ontstaan
возникать
Door de regen ontstonden er lange files.

