Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

198 слов · страница 4 из 8

  • medicijnA2

    лекарство

    Neem dit medicijn twee keer per dag.

  • medicijngebruikB2

    приём лекарств

    Het medicijngebruik onder ouderen is hoog.

  • medicijnkastB1

    аптечка

    Bewaar medicijnen in de medicijnkast.

  • medicijnkuurB1

    курс лекарств

    Maak de medicijnkuur helemaal af.

  • medicijnonderzoekB2

    исследование лекарств

    Medicijnonderzoek duurt vaak meer dan tien jaar.

  • medicijnvoorschriftB1

    рецепт на лекарство

    Zonder medicijnvoorschrift krijg je dit niet.

  • meelA1

    мука

    Voor dit recept heb je meel nodig.

  • meerA1

    больше

    Ik heb meer tijd nodig.

  • meerkeuzevraagB2

    вопрос с выбором ответа

    Het examen bestaat uit meerkeuzevragen.

  • meervoudB2

    множественное число

    Het meervoud van 'kind' is 'kinderen'.

  • meesteA1

    большинство

    De meeste mensen komen met de fiets.

  • meetbaarB2

    измеримый

    Het effect is nauwelijks meetbaar.

  • meetinstrumentB2

    измерительный инструмент

    Het meetinstrument moet betrouwbaar zijn.

  • meeuwB2

    чайка

    De meeuwen pikken het brood zo uit je hand.

  • meevallerB2

    приятная неожиданность

    De belastingteruggave was een meevaller.

  • meiA1

    май

    Mijn verjaardag is in mei.

  • meisjeA1

    девочка

    Het meisje speelt buiten.

  • melancholieB2

    меланхолия

    In zijn muziek zit veel melancholie.

  • meldpuntB1

    пункт приёма жалоб

    Er is een meldpunt voor discriminatie.

  • melkA1

    молоко

    Wil je melk in je koffie?

  • melodieB2

    мелодия

    De melodie blijft meteen hangen.

  • memoB2

    служебная записка

    Hij schreef een korte memo aan de directie.

  • meningB1

    мнение

    Wat is jouw mening hierover?

  • meningsverschilB2

    расхождение во мнениях

    Een meningsverschil hoeft geen ruzie te worden.

  • mensA1

    человек

    Hij is een aardig mens.