Словарь
22 слов · страница 1 из 1
implementerenB2
implementeerde · hebben geïmplementeerd
внедрять
Het nieuwe systeem wordt in maart geïmplementeerd.
imponerenB2
imponeerde · hebben geïmponeerd
производить впечатление
Haar kennis van de stof imponeerde de commissie.
informerenB1
informeerde · hebben geïnformeerd
информировать; наводить справки
Wij informeren u zodra er nieuws is.
inhalenB1отделяемый
haalde in · hebben ingehaald
обгонять
Hier mag je niet inhalen.
навёрстывать, нагонять
Ze moet de gemiste lessen nog inhalen.
inleverenA2отделяемый
leverde in · hebben ingeleverd
сдать (работу, вещь)
Je moet je huiswerk voor vrijdag inleveren.
inloggenA2отделяемый
logde in · hebben ingelogd
входить в аккаунт
Log in met je e-mailadres.
innoverenB2
innoveerde · hebben geïnnoveerd
внедрять инновации
Bedrijven die niet innoveren, verdwijnen.
inpakkenA2отделяемый
pakte in · hebben ingepakt
упаковывать; собирать (вещи)
Morgen gaan we op vakantie, dus ik moet nog inpakken.
inrichtenA2отделяемый
richtte in · hebben ingericht
обставлять
We moeten de woonkamer nog inrichten.
zich inschrijvenB1отделяемыйвозвратныйнеправильный
schreef in · schreven in · hebben ingeschreven
записаться, зарегистрироваться
Je kunt je online inschrijven voor de cursus.
inspirerenB2
inspireerde · hebben geïnspireerd
вдохновлять
Haar verhaal heeft veel jonge vrouwen geïnspireerd.
instappenA2отделяемый
stapte in · zijn ingestapt
садиться (в транспорт)
U kunt achterin instappen.
instemmenB1отделяемый
stemde in · hebben ingestemd
соглашаться
De meerderheid stemde met het voorstel in.
zich interesserenB1возвратный
interesseerde · hebben geïnteresseerd
интересоваться
Hij interesseert zich voor geschiedenis.
interpreterenB2
interpreteerde · hebben geïnterpreteerd
интерпретировать
Deze zin is op twee manieren te interpreteren.
investerenB2
investeerde · hebben geïnvesteerd
инвестировать
De overheid investeert in nieuwe woningen.
invoerenB2отделяемый
voerde in · hebben ingevoerd
вводить (закон, меру)
De nieuwe wet wordt volgend jaar ingevoerd.
вводить, вносить (данные)
Vul het formulier in en voer je gegevens in.
invullenA2отделяемый
vulde in · hebben ingevuld
заполнять
Vul het formulier volledig in.
inwerkenB1отделяемый
werkte in · hebben ingewerkt
вводить в курс дела
Een collega werkt je de eerste week in.
inzamelenB1отделяемый
zamelde in · hebben ingezameld
собирать (мусор, деньги)
De gemeente komt op dinsdag het oud papier inzamelen.
zich inzettenB1отделяемыйвозвратный
zette in · hebben ingezet
стараться ради, прилагать усилия
Zij zet zich in voor de buurt.
irriterenB2
irriteerde · hebben geïrriteerd
раздражать
Dat geluid irriteert mij mateloos.

