Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

16 слов · страница 1 из 1

  • implementerenB2

    внедрять

    Het nieuwe systeem wordt in maart geïmplementeerd.

  • imponerenB2

    производить впечатление

    Haar kennis van de stof imponeerde de commissie.

  • informerenB1

    информировать; наводить справки

    Wij informeren u zodra er nieuws is.

  • inhalenB1

    обгонять

    Hier mag je niet inhalen.

  • inloggenA2

    входить в аккаунт

    Log in met je e-mailadres.

  • innoverenB2

    внедрять инновации

    Bedrijven die niet innoveren, verdwijnen.

  • inrichtenA2

    обставлять

    We moeten de woonkamer nog inrichten.

  • inschrijvenB1

    записаться, зарегистрироваться

    Je kunt je online inschrijven voor de cursus.

  • instappenA2

    садиться (в транспорт)

    U kunt achterin instappen.

  • instemmenB1

    соглашаться

    De meerderheid stemde met het voorstel in.

  • interpreterenB2

    интерпретировать

    Deze zin is op twee manieren te interpreteren.

  • investerenB2

    инвестировать

    De overheid investeert in nieuwe woningen.

  • invoerenB2

    вводить (закон, меру)

    De nieuwe wet wordt volgend jaar ingevoerd.

  • invullenA2

    заполнять

    Vul het formulier volledig in.

  • inwerkenB1

    вводить в курс дела

    Een collega werkt je de eerste week in.

  • irriterenB2

    раздражать

    Dat geluid irriteert mij mateloos.