Woordenschat
1230 woorden · pagina 9 van 50
dieetA2
diet
Hij volgt een streng dieet.
dienstregelingA2
timetable
De dienstregeling verandert in december.
dienstverbandA2
employment (contract type)
Zij heeft een vast dienstverband.
dikA1
thick, fat
Trek een dikke jas aan.
dingA1
thing
Wat is dat voor een ding?
dinsdagA1
Tuesday
Dinsdag heb ik een afspraak.
dochterA1
daughter
Onze dochter is vijf jaar oud.
doeiA1
bye
Doei, tot morgen!
doekA1
cloth
Veeg de tafel af met een doek.
doelA2
goal, aim
Wat is het doel van deze cursus?
doenA1
to do
Wat doe je in het weekend?
dokterA1
doctor
Ik ga morgen naar de dokter.
donderdagA1
Thursday
De les is op donderdagavond.
doorA1
through; by
We liepen door het park.
doosA1
box
De boeken zitten in een doos.
dorpA1
village
Zij komt uit een klein dorp.
dorstA1
thirst
Heb je dorst?
doucheA1
shower
Ik neem 's ochtends een douche.
downloadenA2
to download
Download de app op je telefoon.
dragenA1
to wear; to carry
Hij draagt een zwarte jas.
drankA2
drink, beverage
Wat voor drank wil je erbij?
drempelA1
threshold, doorstep
Pas op voor de drempel bij de deur.
drieA1
three
De les duurt drie uur.
drinkenA1
to drink
Wat wil je drinken?
dromenA1
to dream
Ik droomde vannacht over mijn familie.

