Je EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

3699 woorden · pagina 79 van 148

  • de olijfA1

    olive

    Wil je olijven bij de borrel?

  • omA1

    at (time); around

    De les begint elke dag om half negen.


    in order to (om … te)

    Ik ga naar de bibliotheek om te studeren.

  • de omaA1

    grandmother

    Mijn oma woont in een klein dorp.

  • omdatA1

    because (subordinating)

    Ik kom niet, omdat ik moet werken.

  • omdraaienA2scheidbaar

    draaide om · hebben omgedraaid

    to turn (over, round)

    Draai het papier om en lees de achterkant.

  • omgaanB1scheidbaaronregelmatig

    ging om · gingen om · zijn omgegaan

    to deal with, to handle (omgaan met)

    Hoe ga je om met stress op je werk?

  • de omgevingA2

    surroundings, area

    In de omgeving van ons huis zijn veel parken.

  • omhoogA2

    up, upwards

    Kijk eens omhoog, daar vliegt een ooievaar.

  • omkomenB1scheidbaaronregelmatig

    kwam om · kwamen om · zijn omgekomen

    to die (in an accident), to perish

    Bij het ongeluk zijn twee mensen omgekomen.

  • omlaagA2

    down, downward

    Hij keek omlaag naar de straat.

  • de omleidingB1

    diversion, detour

    Er is een omleiding vanwege wegwerkzaamheden.

  • omringenB1

    omringde · hebben omringd

    to surround

    Het dorp is omringd door weilanden.

  • omschrijvenB1onregelmatig

    omschreef · omschreven · hebben omschreven

    to describe, to define

    Kun je in een paar woorden omschrijven wat er gebeurde?

  • de omstandigheidB1

    circumstance

    Onder deze omstandigheden kunnen we niet werken.

  • de omvangB1

    size, extent

    De omvang van de schade is nog niet bekend.

  • omvattenB1

    omvatte · hebben omvat

    to include, to comprise

    De cursus omvat tien lessen en een examen.

  • onafhankelijkA2

    independent

    De rechter oordeelt onafhankelijk.

  • de onafhankelijkheidB1

    independence (of a country)

    Suriname vierde in 1975 zijn onafhankelijkheid.

  • onbekendB1

    unknown

    Ik kreeg een telefoontje van een onbekend nummer.

  • ondanksB1

    despite

    Ondanks de regen gingen we toch wandelen.

  • onderA1

    under

    De doos staat onder het bed.

  • onderaanA2

    at the bottom

    Zet je handtekening onderaan de brief.

  • het onderdeelB1

    part, component

    Spreken is een onderdeel van het examen.

  • ondergaanB1onregelmatig

    onderging · ondergingen · hebben ondergaan

    to undergo

    Hij moet volgende week een operatie ondergaan.

  • onderhandelenB1

    onderhandelde · hebben onderhandeld

    to negotiate

    We onderhandelen nog over de prijs.