Woordenschat
Filters1
Onderwerpen
1493 woorden · pagina 18 van 60
gezondheidscheckB1
health check
Mijn werkgever betaalt een jaarlijkse gezondheidscheck.
gezondheidsklachtB1
health complaint
Meld gezondheidsklachten altijd bij je huisarts.
gezondheidstoestandA2
state of health
Zijn gezondheidstoestand is stabiel.
gezondheidsvoorlichtingB1
health education
Scholen geven gezondheidsvoorlichting.
gipsA2
plaster cast
Zijn arm zit zes weken in het gips.
glasA1
glass
Mag ik een glas water?
goedA1
good
Het gaat goed met mij.
goedemorgenA1
good morning
Goedemorgen, komt u binnen.
goedenavondA1
good evening
Goedenavond, komt u binnen.
goedendagA1
good day
Goedendag, waarmee kan ik u helpen?
gootsteenA1
sink
De vuile borden staan in de gootsteen.
gordijnA2
curtain
Doe de gordijnen even dicht.
gramA2
gram
Ik heb 500 gram kaas gekocht.
grammaticaA2
grammar
De grammatica vind ik het moeilijkst.
grasB1
grass
Het gras moet gemaaid worden.
griepA2
flu
Half kantoor heeft de griep.
griepprikA2
flu jab
Ouderen krijgen elk jaar een griepprik.
grijsA1
grey
De lucht is vandaag grijs.
groengebiedB1
green area
Er komt een nieuw groengebied bij de wijk.
groenstrookB1
green strip, verge
Langs de weg ligt een brede groenstrook.
groenteA2
vegetables
Eet elke dag genoeg groente.
groenvoorzieningB1
public greenery
De gemeente onderhoudt de groenvoorziening.
groepslesA2
group lesson
Een groepsles is goedkoper dan privéles.
grondwaterB1
groundwater
Het grondwater staat hier hoog.
grootA1
big
Zij wonen in een groot huis.

