Woordenschat
Filters1
Onderwerpen
4140 woorden · pagina 124 van 166
spelregelB1
rule of the game
Leg de spelregels eerst uit.
spiegelA1
mirror
Er hangt een spiegel in de gang.
spierA1
muscle
Na het sporten doen mijn spieren pijn.
spierkrachtB2
muscle strength
Met krachttraining behoud je spierkracht.
spierscheuringB2
muscle tear
Met een spierscheuring lig je maanden stil.
spierweefselB2
muscle tissue
Bij te weinig eiwit verlies je spierweefsel.
spijsverteringB2
digestion
Beweging helpt de spijsvertering.
spijtB2
regret
Ik heb spijt van die opmerking.
spijtgevoelB2
feeling of regret
Achteraf hield hij een spijtgevoel over.
spinazieA1
spinach
Spinazie zit vol ijzer.
spitsB1
rush hour
Reis liever buiten de spits.
spitsuurB1
rush hour
Vermijd het spitsuur als het kan.
spoedA2
emergency, urgency
Bij spoed belt u dit nummer.
spoedgevalB1
emergency case
Bij een spoedgeval belt u 112.
spoedhulpB2
emergency aid
Bij spoedhulp telt elke minuut.
sponsoringB2
sponsorship
De club leeft van sponsoring.
sponsorloopB2
sponsored run
De school hield een sponsorloop.
spontaniteitB2
spontaneity
Zijn spontaniteit maakt hem geliefd.
spoorlijnB1
railway line
De spoorlijn wordt volgend jaar vernieuwd.
sportB1
sport
Welke sport doe jij?
sportabonnementB1
gym membership
Mijn sportabonnement loopt per maand.
sportartsB2
sports physician
De sportarts bepaalt wanneer hij weer mag spelen.
sportevenementB1
sports event
Het sportevenement trekt duizenden bezoekers.
sportkantineB1
sports club canteen
Na de wedstrijd zitten we in de sportkantine.
sportlesB1
sports class
De sportles begint om zeven uur.

