Woordenschat
Filters2
58 woorden · pagina 1 van 3
de waardeA2
value
De waarde van het huis is gestegen.
de wachtkamerA2
waiting room
Neemt u plaats in de wachtkamer.
het wachtwoordA2
password
Ik ben mijn wachtwoord vergeten.
de wangA1
cheek
Haar wangen zijn rood van de kou.
de wasdrogerA2
tumble dryer
In de winter gebruik ik de wasdroger.
het wasgoedA2
laundry
Het wasgoed hangt buiten te drogen.
de wasmachineA2
washing machine
De wasmachine is kapot.
de wasmandA1
laundry basket
De vuile kleren liggen in de wasmand.
de wastafelA2
washbasin
De kraan van de wastafel lekt.
het waterA1
water
Drink veel water op een warme dag.
de webshopA2
online shop
Ik bestel het liever in een webshop.
de websiteA2
website
De website van de gemeente is vernieuwd.
de wedstrijdA1
match, competition
De wedstrijd begint om drie uur.
de weekA1
week
Deze week werk ik thuis.
de weekdagA1
weekday
Op weekdagen sta ik vroeg op.
het weekendA1
weekend
In het weekend werk ik niet.
het weerA1
weather
Het weer verandert hier snel.
again
Hij is weer te laat op zijn werk gekomen.
de wegA1
road, way
Deze weg gaat naar het centrum.
de wensA2
wish
Mijn grootste wens is een eigen huis.
de wereldA1
world
Nederlandse kaas is bekend in de hele wereld.
het werkA1
work
Ik ga om acht uur naar mijn werk.
de werkafspraakA2
work arrangement
We maken hierover een werkafspraak.
het werkbriefjeA2
timesheet
Lever je werkbriefje op vrijdag in.
de werkdagA2
working day
Het was een lange werkdag.
de werkgeverA2
employer
Mijn werkgever betaalt de cursus.

