Woordenschat
Filters1
51 woorden · pagina 2 van 3
lesuurA2
lesson hour
Een lesuur duurt vijftig minuten.
letterA1
letter (character)
Schrijf je naam met grote letters.
leukA1
nice, fun
Dat was een leuke avond.
levenA1
life; to live
Het leven hier is heel anders.
leveringA2
delivery
De levering duurt drie werkdagen.
levertijdA2
delivery time
De levertijd is drie werkdagen.
lezenA2
to read
Lees de tekst nog een keer.
lichaamA1
body
Beweging is goed voor je lichaam.
lichtA1
light
Doe het licht even aan.
lieverA1
rather, prefer
Ik drink liever thee.
liftA2
lift, elevator
De lift is kapot.
liggenA1
to lie, to be located
Het boek ligt op tafel.
lijkenA1
to seem
Het lijkt me een goed idee.
lijstA2
list
Zet het op de lijst.
limonadeA1
squash, lemonade
De kinderen krijgen limonade.
linksA1
left
Sla bij de kerk links af.
lipA1
lip
Mijn lippen zijn droog van de kou.
literA2
litre
We hebben een liter melk nodig.
longA1
lung
Roken is slecht voor je longen.
loonA2
wage
Het loon wordt per week uitbetaald.
lopenA1
to walk
Ik loop elke dag naar mijn werk.
luchthavenA2
airport
Schiphol is de grootste luchthaven van Nederland.
luciferA1
match
Heb je een lucifer?
luisterenA2
to listen
Luister goed naar de vraag.
lukkenA2
to succeed, to work out
Het is me gelukt!

