EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

98 woorden · pagina 1 van 4

  • kaarsA1

    candle

    Op tafel brandt een kaars.

  • kaartA1

    card; map

    Ik stuur haar een kaart voor haar verjaardag.

  • kaartjeA2

    ticket

    Ik heb mijn kaartje al gekocht.

  • kaasA1

    cheese

    Nederlandse kaas is bekend in de wereld.

  • kachelA1

    heater, stove

    Zet de kachel wat hoger.

  • kamA1

    comb

    Mag ik je kam even lenen?

  • kamerA1

    room

    Mijn kamer is niet zo groot.

  • kamperenB1

    to camp

    We gaan deze zomer kamperen in Frankrijk.

  • kaneelA1

    cinnamon

    Doe wat kaneel op de appels.

  • kansA1

    chance, opportunity

    Dit is een mooie kans voor jou.

  • kantoorA2

    office

    Ons kantoor is vlak bij het station.

  • kantoorurenA2

    office hours

    Bel tijdens kantooruren.

  • kassaA2

    checkout

    Bij de kassa is een lange rij.

  • kassamedewerkerA2

    checkout assistant

    De kassamedewerker was heel vriendelijk.

  • kastA1

    cupboard, wardrobe

    Je jas hangt in de kast.

  • keelA1

    throat

    Ik heb pijn in mijn keel.

  • keelpijnA2

    sore throat

    Ik heb keelpijn en kan slecht slikken.

  • keerA1

    time (occurrence)

    Ik ga twee keer per week sporten.

  • kelderA1

    cellar, basement

    De fietsen staan in de kelder.

  • kennenA1

    to know (a person/thing)

    Ken je die man?

  • kennisB1

    knowledge

    Hij heeft veel kennis van computers.

  • kennistoetsB1

    knowledge test

    De kennistoets bestaat uit veertig vragen.

  • kerkA1

    church

    De kerk staat op het plein.

  • keukenA1

    kitchen

    De keuken is net schoongemaakt.

  • keuzeA2

    choice

    Er is genoeg keuze.