Woordenschat
Filters2
Onderwerpen
67 woorden · pagina 1 van 3
haarA1
hair
Zij heeft lang haar.
hagelslagA1
chocolate sprinkles
Nederlandse kinderen eten hagelslag op brood.
halteA2
stop (bus/tram)
De halte is om de hoek.
hamA1
ham
Ik neem een boterham met ham.
handA1
hand
Was je handen voor het eten.
handdoekA1
towel
De handdoek hangt in de badkamer.
hartA1
heart
Mijn hart klopt snel.
hartslagA1
heartbeat
Mijn hartslag gaat snel na het sporten.
hekA1
fence, gate
Doe het hek achter je dicht.
helftA1
half (the half)
De helft van de klas was ziek.
herfstA1
autumn
In de herfst waait het vaak hard.
herhalingA2
revision, repetition
Volgende week is er een herhaling van de grammatica.
herinneringB1
reminder
Ik kreeg een herinnering voor een onbetaalde rekening.
herkansingB1
resit
Je hebt recht op één herkansing.
hersenenA1
brain
Slaap is belangrijk voor je hersenen.
herstelA2
recovery
Beterschap en een goed herstel!
herstelperiodeB1
recovery period
De herstelperiode duurt zes weken.
herstelplanB1
recovery plan
De arts stelde samen met mij een herstelplan op.
hersteltijdB1
recovery time
De hersteltijd na deze ingreep is kort.
heupA1
hip
Mijn oma heeft een nieuwe heup.
hitteB1
heat
De hitte was ondraaglijk deze zomer.
hittegolfB1
heatwave
Tijdens de hittegolf werd het veertig graden.
hobbyB1
hobby
Fotograferen is mijn grootste hobby.
hobbybeursB1
hobby fair
Op de hobbybeurs staan honderden kraampjes.
hobbygroepB1
hobby group
Zij zit in een hobbygroep voor fotografie.

