EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

33 woorden · pagina 1 van 2

  • aanbiedingA2

    special offer

    De kaas is in de aanbieding.

  • aanbodA2

    range, offer

    Het aanbod in deze winkel is groot.

  • aankomsthalA2

    arrivals hall

    Ik wacht op je in de aankomsthal.

  • aankomsttijdA2

    arrival time

    De aankomsttijd staat op je kaartje.

  • aankoopA2

    purchase

    Bewaar de bon van je aankoop.

  • aanstellingA2

    appointment (to a post)

    Zij kreeg een vaste aanstelling.

  • aantalA2

    number, amount

    Het aantal deelnemers groeit.

  • aardappelA1

    potato

    We eten vanavond aardappelen.

  • aardbeiA1

    strawberry

    In juni zijn de aardbeien het lekkerst.

  • achterA1

    behind

    De tuin ligt achter het huis.

  • achterdeurA1

    back door

    Via de achterdeur kom je in de tuin.

  • ademA1

    breath

    Haal even diep adem.

  • adresA1

    address

    Schrijf hier je adres op.

  • afdelingA2

    department

    Zij werkt op de afdeling verkoop.

  • afspraakA2

    appointment

    Ik heb een afspraak om half drie.

  • afvalA2

    waste

    Het afval wordt op dinsdag opgehaald.

  • agendaA2

    diary, agenda

    Ik zet de afspraak in mijn agenda.

  • allebeiA1

    both

    Wij werken allebei fulltime.

  • allemaalA1

    all (of them)

    We gaan allemaal mee.

  • allergieA2

    allergy

    Ik heb een allergie voor noten.

  • ambulanceA2

    ambulance

    Bel 112 voor een ambulance.

  • apartA1

    separate(ly)

    We betalen apart.

  • apotheekA2

    pharmacy

    De apotheek is naast de huisarts.

  • appartementA2

    flat, apartment

    Zij huurt een klein appartement.

  • appelA1

    apple

    Ik neem een appel mee naar mijn werk.