Woordenschat
447 woorden · pagina 18 van 18
werkritmeB1
work rhythm
Na de vakantie moet ik mijn werkritme weer vinden.
werkroosterB2
work schedule
Het werkrooster komt een week van tevoren.
werkroutineB1
work routine
Na een maand had ik mijn werkroutine gevonden.
werkschemaB1
work schedule
Mijn werkschema wisselt per week.
werksfeerB1
working atmosphere
De werksfeer op kantoor is prettig.
werksituatieB1
work situation
Beschrijf je huidige werksituatie.
werkstageB1
work placement
Zijn werkstage duurt drie maanden.
werktevredenheidB1
job satisfaction
De werktevredenheid is gestegen na de reorganisatie.
werktijdA2
working hours
Mijn werktijd is van acht tot vijf.
werkveldB2
field of work
Het werkveld verandert snel.
werkverdelingB1
distribution of work
De werkverdeling is eerlijk geregeld.
werkvergunningB2
work permit
Voor sommige nationaliteiten is een werkvergunning nodig.
werkweekA2
working week
Een werkweek is hier 36 uur.
werkzekerheidB2
job security
Vaste contracten bieden meer werkzekerheid.
werkzoekendeB2
job seeker
Het aantal werkzoekenden daalt.
winkelvloerB2
shop floor
Zij begon op de winkelvloer.
winstdelingB2
profit sharing
Werknemers krijgen hier winstdeling.
zaagB2
saw
Met deze zaag gaat het sneller.
zelfstandigeB2
self-employed person
Als zelfstandige regel je je eigen pensioen.
zelfstandigheidB1
independence
De functie vraagt veel zelfstandigheid.
zorgsectorB2
care sector
De zorgsector kampt met hoge werkdruk.
zzp'erB2
self-employed person without staff
Steeds meer bouwvakkers werken als zzp'er.

