Woordenschat
33 woorden · pagina 1 van 2
werkafspraakA2
work arrangement
We maken hierover een werkafspraak.
werkbegeleidingB1
on-the-job guidance
Nieuwe medewerkers krijgen werkbegeleiding.
werkbesprekingB1
work briefing
De werkbespreking is elke maandagochtend.
werkbriefjeA2
timesheet
Lever je werkbriefje op vrijdag in.
werkdagA2
working day
Het was een lange werkdag.
werkdocumentB1
working document
Bewaar dit werkdocument goed.
werkervaringB1
work experience
Voor deze baan is werkervaring vereist.
werkgelukB1
job satisfaction
Werkgeluk hangt niet alleen van het salaris af.
werkgeverA2
employer
Mijn werkgever betaalt de cursus.
werkgeverscontactB1
contact with the employer
Het werkgeverscontact verloopt via de mail.
werkgeversverklaringB1
employer's statement
Voor de hypotheek heb je een werkgeversverklaring nodig.
werkhoudingB1
work attitude
Zijn werkhouding is voorbeeldig.
werkinstructieA2
work instruction
Lees de werkinstructie goed door.
werkloosB1
unemployed
Hij is sinds januari werkloos.
werknemerB1
employee
Elke werknemer heeft recht op vakantiedagen.
werkomgevingA2
work environment
Ik heb een prettige werkomgeving.
werkopdrachtB1
work assignment
Ik kreeg een nieuwe werkopdracht van mijn leidinggevende.
werkoverlegB1
team meeting
Elke maandag is er werkoverleg.
werkoverzichtA2
work overview
Maak elke maandag een werkoverzicht.
werkplanA2
work plan
We maken eerst een werkplan.
werkplekA2
workplace, desk
Mijn werkplek is bij het raam.
werkplezierB1
enjoyment of work
Werkplezier is net zo belangrijk als salaris.
werkrelatieB1
working relationship
Een goede werkrelatie maakt het werk prettiger.
werkritmeB1
work rhythm
Na de vakantie moet ik mijn werkritme weer vinden.
werkroutineB1
work routine
Na een maand had ik mijn werkroutine gevonden.

