Woordenschat
8 woorden · pagina 1 van 1
ademenB1
to breathe
Probeer rustig te ademen.
bewegenB1
to move, to exercise
Probeer elke dag genoeg te bewegen.
doorverwijzenB1
to refer on
De huisarts verwees mij door naar het ziekenhuis.
genezenA2
to heal, to cure
De wond is goed genezen.
herstellenB1
to recover
Hij is goed hersteld na de operatie.
hoestenA2
to cough
Het kind hoest de hele nacht.
rokenB1
to smoke
Roken is hier niet toegestaan.
verzorgenB1
to care for
Zij verzorgt haar moeder thuis.

