EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

122 woorden · pagina 2 van 5

  • eetlustA2

    appetite

    Door de koorts heb ik geen eetlust.

  • eiA1

    egg

    Ik eet 's ochtends een ei.

  • erwtA1

    pea

    Erwtensoep is een Nederlands wintergerecht.

  • etenA1

    food

    Nederlands eten is soms heel simpel.

  • flesA1

    bottle

    Er staat een fles wijn op tafel.

  • flesjeA2

    small bottle

    Neem een flesje water mee.

  • fruitA2

    fruit

    Op mijn werk staat er altijd fruit.

  • gebakA1

    pastry, cake

    Bij de koffie was er gebak.

  • gerechtA2

    dish

    Dit gerecht is een specialiteit hier.

  • glasA1

    glass

    Mag ik een glas water?

  • gramA2

    gram

    Ik heb 500 gram kaas gekocht.

  • groenteA2

    vegetables

    Eet elke dag genoeg groente.

  • hagelslagA1

    chocolate sprinkles

    Nederlandse kinderen eten hagelslag op brood.

  • hamA1

    ham

    Ik neem een boterham met ham.

  • hoeveelheidA2

    quantity

    Gebruik een kleine hoeveelheid zout.

  • hongerA1

    hunger

    Ik heb honger.

  • honingA1

    honey

    Doe wat honing in je thee.

  • hoofdgerechtA2

    main course

    Het hoofdgerecht was vis met groente.

  • houdbaarA2

    keeps until, non-perishable

    De melk is nog twee dagen houdbaar.

  • ijsA1

    ice, ice cream

    De kinderen willen een ijsje.

  • ingrediëntA2

    ingredient

    Welke ingrediënten heb je nodig?

  • jamA1

    jam

    Ik eet brood met jam.

  • kaasA1

    cheese

    Nederlandse kaas is bekend in de wereld.

  • kaneelA1

    cinnamon

    Doe wat kaneel op de appels.

  • kipA1

    chicken

    Ik eet liever kip dan rundvlees.