Woordenschat
334 woorden · pagina 9 van 14
opgewektheidB2
cheerfulness
Haar opgewektheid werkt aanstekelijk.
opgewondenB2
excited
De kinderen waren opgewonden over de reis.
opluchtenB2
to relieve
De uitslag luchtte hem enorm op.
opluchtingB2
relief
Tot mijn opluchting was alles in orde.
opluchtingsgevoelB2
feeling of relief
Na de uitslag overheerste een opluchtingsgevoel.
oprechtB2
sincere
Zijn excuses klonken oprecht.
opvliegendB2
quick-tempered
Hij heeft een opvliegend karakter.
opwindingB2
excitement
Er heerste grote opwinding voor de wedstrijd.
overweldigdB2
overwhelmed
Zij was overweldigd door alle reacties.
prikkelbaarheidB2
irritability
Slaaptekort vergroot de prikkelbaarheid.
prikkelendB2
thought-provoking, stimulating
Het essay stelt prikkelende vragen.
relatieB2
relationship
Hun relatie is de laatste jaren verbeterd.
respectB2
respect
Met respect kom je verder dan met macht.
rouwprocesB2
grieving process
Elk rouwproces verloopt anders.
rusteloosheidB2
restlessness
Na de operatie voelde hij een vreemde rusteloosheid.
ruzieB2
quarrel, row
Ze hebben ruzie over geld.
saamhorigheidB2
togetherness, solidarity
Na de ramp groeide de saamhorigheid in het dorp.
samenwonenB2
to live together
Zij gaan volgend jaar samenwonen.
sarcasmeB2
sarcasm
Het sarcasme droop van zijn opmerking af.
sceptischB2
sceptical
Veel experts zijn sceptisch over die aanpak.
schaamteB2
shame
Hij voelde schaamte over zijn fout.
schaterlachB2
roar of laughter
Er ging een schaterlach door de zaal.
schokkendB2
shocking
De cijfers zijn ronduit schokkend.
schrikB2
fright, shock
Van de schrik liet zij het glas vallen.
schroomB2
reticence, diffidence
Zij sprak zonder schroom over haar fouten.

