Woordenschat
334 woorden · pagina 11 van 14
trillenB2
to tremble
Zijn handen trilden van de zenuwen.
troostenB2
to comfort
Ze troostte haar dochter na de uitslag.
troostendB2
comforting
Zij zei iets troostends.
trotsB2
proud; pride
Ze is trots op wat ze bereikt heeft.
tweestrijdB2
inner conflict
Zij zat in tweestrijd over het aanbod.
twijfelB2
doubt
Er bestaat twijfel over de resultaten.
twijfelenB2
to doubt
Ik twijfel nog over die opleiding.
twijfelgevalB2
borderline case
Dit is duidelijk een twijfelgeval.
uitgelatenB2
exuberant
De kinderen waren uitgelaten na de uitslag.
vastberadenB2
determined
Zij was vastberaden om door te gaan.
vastberadenheidB2
determination
Met grote vastberadenheid zette zij door.
vasthoudendB2
tenacious
Dankzij haar vasthoudende houding kwam de zaak rond.
veeleisendB2
demanding
Het is een veeleisende baan.
veerkrachtB2
resilience
Kinderen hebben vaak veel veerkracht.
veiligheidsgevoelB2
feeling of safety
Betere verlichting vergroot het veiligheidsgevoel.
verachtenB2
to despise
Hij veracht elke vorm van oneerlijkheid.
verafschuwenB2
to abhor
Hij verafschuwt elke vorm van geweld.
verbaasdA2
surprised
Ik was verbaasd over zijn antwoord.
verbazenB2
to astonish
Zijn reactie verbaasde iedereen.
verbazingB2
surprise, astonishment
Tot mijn verbazing kwam hij toch.
verbitteringB2
bitterness
Uit zijn woorden sprak verbittering.
verblekenB2
to turn pale
Hij verbleekte toen hij het hoorde.
verbolgenB2
indignant
Hij reageerde verbolgen op de beschuldiging.
verbondenheidB2
connectedness, belonging
Sport geeft veel mensen een gevoel van verbondenheid.
verbouwereerdB2
bewildered
Hij keek verbouwereerd om zich heen.

