Woordenschat
Filters1
473 woorden · pagina 2 van 19
bepalenA2
to determine, to decide
Jij mag bepalen waar we eten.
bereikenA2
to reach
Je kunt mij het beste per mail bereiken.
beschikbaarA2
available
Er is nog één plaats beschikbaar.
besluitenA2
to decide
We hebben besloten te verhuizen.
bestaanA2
to exist
Zo'n regel bestaat hier niet.
betekenenA2
to mean
Wat betekent dit woord?
bewarenA2
to keep, to store
Bewaar deze brief goed.
bezemA1
broom
Pak even de bezem.
bezetA1
occupied, taken
Deze plaats is bezet.
bezigA2
busy (doing something)
Ik ben nu even bezig.
bezoekenA2
to visit
We bezoeken zondag mijn ouders.
bijA1
at, near, with
Ik ben bij de dokter.
bijnaA2
almost
Ik ben bijna klaar.
bijvoorbeeldA2
for example
Neem bijvoorbeeld de bus van acht uur.
binnenA1
inside; within
Kom binnen, het is koud buiten.
blauwA1
blue
De lucht is vandaag blauw.
blijvenA2
to stay
Blijf je vanavond eten?
boekA1
book
Ik lees elke avond een boek.
bovenA1
above, upstairs
De slaapkamers zijn boven.
bovendienA2
moreover
Het is duur en bovendien ver weg.
breedA1
wide
Dit is een brede straat.
brengenA2
to bring, to take
Ik breng de kinderen naar school.
briefA1
letter
Ik heb een brief van de gemeente gekregen.
brilA1
glasses
Zonder bril zie ik niets.
broekA1
trousers
Deze broek is te lang.

