EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

473 woorden · pagina 15 van 19

  • straatA1

    street

    Ik woon in een rustige straat.

  • stukA1

    piece

    Wil je een stuk taart?

  • sturenA1

    to send

    Ik stuur je vanavond een bericht.

  • taalA1

    language

    Nederlands is een moeilijke taal.

  • tachtigA1

    eighty

    Mijn oma is tachtig jaar.

  • tandenborstelA1

    toothbrush

    Vergeet je tandenborstel niet.

  • tasA1

    bag

    Mijn tas staat naast de stoel.

  • tegelijkA2

    at the same time

    Praat niet allemaal tegelijk.

  • tegenwoordigA2

    nowadays

    Tegenwoordig werk ik vaker thuis.

  • tekenenA2

    to draw

    Mijn dochter tekent graag.

  • telefoonA1

    phone

    Mijn telefoon is leeg.

  • televisieA1

    television

    De televisie staat de hele dag aan.

  • tellenA1

    to count

    Kun je tot tien tellen in het Nederlands?

  • terugA1

    back

    Ik ben om zes uur terug.

  • terugkomenA2

    to come back

    Hij komt volgende week terug.

  • thuisA1

    at home

    Vandaag werk ik thuis.

  • thuisblijvenA2

    to stay at home

    Ik blijf vandaag thuis.

  • tienA1

    ten

    Ik heb nog tien minuten.

  • tijdstipA2

    point in time

    Wat is een handig tijdstip voor jou?

  • tochA2

    still, anyway

    Het was koud, maar we gingen toch.

  • toestaanA2

    to allow

    Honden zijn hier niet toegestaan.

  • totA1

    until, up to

    De winkel is open tot zes uur.

  • tot ziensA1

    goodbye

    Tot ziens, fijne dag nog!

  • touwA1

    rope, string

    Bind de doos vast met touw.

  • trouwensA2

    by the way

    Trouwens, heb je die brief al gelezen?