EigenRoute
InloggenRegistreren

Woordenschat

255 woorden · pagina 6 van 11

  • machtigingB2

    authorisation

    Zonder machtiging mag ik dat niet regelen.

  • matB2

    matt

    Kies liever een matte verf.

  • mededelingB1

    announcement, notice

    Er hangt een mededeling op het prikbord.

  • memoB2

    memo

    Hij schreef een korte memo aan de directie.

  • meningB1

    opinion

    Wat is jouw mening hierover?

  • meningsverschilB2

    difference of opinion

    Een meningsverschil hoeft geen ruzie te worden.

  • misinterpretatieB2

    misinterpretation

    Dat berust op een misinterpretatie van de cijfers.

  • misvattingB2

    misconception

    Dat is een veelvoorkomende misvatting.

  • misverstandB1

    misunderstanding

    Het was gewoon een misverstand.

  • moedertaalB2

    mother tongue

    Mijn moedertaal is Arabisch.

  • naamvalB2

    grammatical case

    Het Nederlands kent nauwelijks nog naamvallen.

  • nietteminB2

    nevertheless

    Het was koud; niettemin gingen we op pad.

  • notitieB1

    note, memo

    Ik maakte een notitie tijdens het gesprek.

  • notulenB2

    minutes (of a meeting)

    De notulen van de vorige vergadering zijn goedgekeurd.

  • nuanceB2

    nuance

    In dit debat ontbreekt vaak de nuance.

  • nuanceringB2

    qualification, nuancing

    Zijn betoog mist enige nuancering.

  • nuanceverschilB2

    difference in nuance

    Het nuanceverschil tussen die woorden is klein.

  • ofschoonB2

    although (formal)

    Ofschoon hij twijfelde, stemde hij toe.

  • oftewelB2

    in other words

    Het gaat om de cesuur, oftewel de zak-slaaggrens.

  • onderhandelingB2

    negotiation

    De onderhandelingen liepen vast.

  • ondertekeningB2

    signing

    Na ondertekening is het contract geldig.

  • ondertitelingB2

    subtitles

    Ik kijk series met Nederlandse ondertiteling.

  • ondertoonB2

    undertone

    In zijn reactie zat een kritische ondertoon.

  • onderwerpregelB2

    subject line

    Zet het kernpunt in de onderwerpregel.

  • ontvangerB1

    recipient

    De ontvanger van de brief was verhuisd.