المفردات
2021 كلمة · صفحة 53 من 81
rijgeschiktheidB1
الأهلية للقيادة
Boven de 75 wordt de rijgeschiktheid gekeurd.
rijkA1
غني
Zij komt uit een rijke familie.
rijlesB1
درس قيادة
Ik neem sinds maart rijles.
rijstA1
أرز
We eten vanavond rijst met groente.
rijstrookB1
مسار المرور
De rechter rijstrook is afgesloten.
rijvaardigheidB1
مهارة القيادة
Bij het examen wordt je rijvaardigheid getest.
rivierB1
نهر
De rivier loopt door de stad.
roepenA1
ينادي
Roep me als je klaar bent.
roerenA2
يقلّب
Blijf roeren tot de saus dik wordt.
rokenB1
يدخن
Roken is hier niet toegestaan.
rommelA1
فوضى
Wat een rommel in deze kamer!
rondA1
دائري
De tafel is rond.
roodA1
أحمر
Ze draagt een rode jas.
roomA1
قشدة
Wil je room bij de koffie?
roosterA2
جدول
Het rooster voor volgende week hangt er.
rotondeA2
دوار
Neem op de rotonde de tweede afslag.
routeB1
مسار
Dit is de snelste route.
rozeA1
وردي
Zij draagt een roze jurk.
rugA1
ظهر
Ik heb last van mijn rug.
rugzakA1
حقيبة ظهر
Mijn boeken zitten in mijn rugzak.
ruikenA2
يشم
Het ruikt hier lekker.
ruilenA2
يستبدل
Kan ik deze jas ruilen?
rustA2
راحة
De dokter zei dat ik rust nodig heb.
rustigA2
هادئ
Het is hier lekker rustig.
saladeA1
سلطة
Bij het vlees eten we salade.

