المفردات
1230 كلمة · صفحة 28 من 50
onderA1
تحت
De doos staat onder het bed.
onderhoudA2
صيانة
Het onderhoud van de tuin kost tijd.
ondertekenenA2
يوقّع
Onderteken het contract onderaan.
onderwerpA2
موضوع
Dat is een moeilijk onderwerp.
ongeduldigA2
غير صبور
Ze wachtte ongeduldig op het antwoord.
ongerustA2
قلق
Ik was ongerust toen je niet belde.
ongeveerA2
تقريبا
Het duurt ongeveer een uur.
onrustigA2
قلق مضطرب
Ik sliep onrustig voor het examen.
ontbijtA2
فطور
Ik sla het ontbijt nooit over.
ontbijtenA2
يتناول الفطور
Wij ontbijten om zeven uur.
ontdekkenA2
يكتشف
Ik ontdekte een fout in het formulier.
onthoudenA2
يتذكر، يحفظ
Ik kan die naam nooit onthouden.
ontmoetenA2
يلتقي
Ik heb haar op een cursus ontmoet.
ontslaanA2
يفصل من العمل
Er worden dit jaar geen mensen ontslagen.
ontvangenA2
يستلم
Ik heb je bericht ontvangen.
oogA1
عين
Er zit iets in mijn oog.
oogartsA2
طبيب عيون
De huisarts stuurde mij naar de oogarts.
ookA1
أيضا
Ik kom ook mee.
oomA1
عم
Mijn oom woont in Duitsland.
oorA1
أذن
Mijn oor doet pijn.
oorpijnA2
ألم الأذن
Het kind heeft oorpijn.
opA1
على
Het boek ligt op tafel.
opaA1
جد
Mijn opa vertelt graag verhalen.
opbellenA2
يتصل هاتفيا
Ik bel je morgen op.
opbergenA2
يخزّن
Berg je spullen op in de kast.

