المفردات
169 كلمة · صفحة 4 من 7
sollicitatieA2
طلب توظيف
Mijn sollicitatie is afgewezen.
sollicitatiebriefB1
رسالة التقديم
Schrijf een korte, duidelijke sollicitatiebrief.
sollicitatiegesprekA2
مقابلة عمل
Ik heb morgen een sollicitatiegesprek.
solliciterenB1
يتقدم لوظيفة
Ik heb op drie vacatures gesolliciteerd.
somberA2
كئيب
In november voel ik me vaak somber.
sommigeA1
بعض
Sommige winkels zijn zondag open.
somsA1
أحيانا
Soms neem ik de bus.
sorryA1
آسف
Sorry, ik ben te laat.
spaardoelB1
هدف الادخار
Mijn spaardoel is een eigen woning.
spaargeldA2
مدخرات
We gebruiken ons spaargeld voor de verbouwing.
spaarplanB1
خطة ادخار
Ik heb een spaarplan voor de studie van mijn kinderen.
spaarpotA2
حصالة
De kinderen sparen in een spaarpot.
spaarrekeningB1
حساب توفير
Het geld staat op een spaarrekening.
spaarrenteB1
فائدة الادخار
De spaarrente is eindelijk weer gestegen.
spaartegoedB1
رصيد الادخار
Mijn spaartegoed groeit langzaam.
sparenA2
يدخر
We sparen voor een nieuwe auto.
specialistB1
أخصائي
De huisarts verwees mij naar een specialist.
speeltuinB1
ملعب أطفال
De kinderen spelen in de speeltuin.
spelenA1
يلعب
De kinderen spelen in de tuin.
spelletjeB1
لعبة
Zullen we een spelletje doen?
spelregelB1
قاعدة اللعبة
Leg de spelregels eerst uit.
spiegelA1
مرآة
Er hangt een spiegel in de gang.
spierA1
عضلة
Na het sporten doen mijn spieren pijn.
spinazieA1
سبانخ
Spinazie zit vol ijzer.
spitsB1
ساعة الذروة
Reis liever buiten de spits.

