المفردات
202 كلمة · صفحة 6 من 9
restaurantA2
مطعم
We gaan uit eten in een Italiaans restaurant.
restaurateurB2
مرمّم
De restaurateur werkte een jaar aan het doek.
restbedragB2
المبلغ المتبقي
Het restbedrag betaal je bij levering.
restjeA2
بقايا الطعام
Van de restjes maak ik morgen soep.
restwaardeB2
القيمة المتبقية
De restwaarde van de auto is laag.
resultaatB1
نتيجة
Het resultaat viel tegen.
resultaatafspraakB1
اتفاق على النتائج
We maken jaarlijks resultaatafspraken.
retoriekB2
بلاغة، خطابة
Achter de retoriek zit weinig inhoud.
retournerenA2
يرجع البضاعة
Je kunt het binnen 14 dagen retourneren.
retourrechtB2
حق الإرجاع
Bij online kopen heb je retourrecht.
retourzendingA2
إرجاع الشحنة
De retourzending is gratis.
reukzinB2
حاسة الشم
Na de infectie kwam zijn reukzin terug.
revalidatieB1
إعادة تأهيل
De revalidatie duurt enkele maanden.
revalidatiecentrumB1
مركز إعادة التأهيل
Na het ongeluk lag hij in een revalidatiecentrum.
revalidatieoefeningB2
تمرين إعادة التأهيل
Doe de revalidatieoefeningen elke dag.
revalidatieprogrammaB2
برنامج إعادة التأهيل
Het revalidatieprogramma duurt drie maanden.
ribbenB2
الأضلاع
Hij brak twee ribben bij de val.
richtingA2
اتجاه
Je moet de andere richting op.
richtlijnB2
توجيه تشريعي
De richtlijn moet in nationale wetgeving worden omgezet.
rijA2
طابور
Er staat een lange rij bij de kassa.
rijbewijsB1
رخصة قيادة
Zonder rijbewijs mag je niet rijden.
rijbewijsverlengingB1
تجديد رخصة القيادة
De rijbewijsverlenging regel je bij de gemeente.
rijdenA2
يقود
Hij rijdt elke dag naar zijn werk.
rijexamenB1
امتحان القيادة
Ik ben geslaagd voor mijn rijexamen.
rijgedragB1
سلوك القيادة
Zijn rijgedrag is de laatste tijd rustiger.

