المفردات
10 كلمة · صفحة 1 من 1
verA1
بعيد
Is het nog ver?
veranderingA2
تغيير
Dat is een grote verandering voor ons.
verschilA2
فرق
Wat is het verschil tussen deze twee?
verwachtingA2
توقع
De verwachting is dat het morgen regent.
vierkantA1
مربع
Het plein is bijna vierkant.
voorbeeldA2
مثال
Kun je een voorbeeld geven?
voorwaardeA2
شرط
Lees eerst de voorwaarden.
vrijA1
شاغر، حر
Is deze stoel vrij?
vroegerA2
سابقا
Vroeger woonde ik in een dorp.
vrouwA1
امرأة
De vrouw leest een boek.

