Словник
2021 слів · сторінка 76 з 81
weinigA1
мало
Ik heb weinig tijd.
wekelijksA1
щотижня
De les is wekelijks op dinsdag.
welkeA1
який
Welke bus moet ik nemen?
welkomA1
ласкаво просимо
Welkom bij ons thuis!
wereldA1
світ
Nederlandse kaas is bekend in de hele wereld.
werkA1
робота
Ik ga om acht uur naar mijn werk.
werkafspraakA2
робоча домовленість
We maken hierover een werkafspraak.
werkbegeleidingB1
наставництво на роботі
Nieuwe medewerkers krijgen werkbegeleiding.
werkbesprekingB1
робоче обговорення
De werkbespreking is elke maandagochtend.
werkbriefjeA2
табель робочого часу
Lever je werkbriefje op vrijdag in.
werkdagA2
робочий день
Het was een lange werkdag.
werkdocumentB1
робочий документ
Bewaar dit werkdocument goed.
werkenA1
працювати
Zij werkt in een ziekenhuis.
werkervaringB1
досвід роботи
Voor deze baan is werkervaring vereist.
werkgelukB1
задоволеність роботою
Werkgeluk hangt niet alleen van het salaris af.
werkgeverA2
роботодавець
Mijn werkgever betaalt de cursus.
werkgeverscontactB1
контакт із роботодавцем
Het werkgeverscontact verloopt via de mail.
werkgeversverklaringB1
довідка від роботодавця
Voor de hypotheek heb je een werkgeversverklaring nodig.
werkhoudingB1
ставлення до роботи
Zijn werkhouding is voorbeeldig.
werkinstructieA2
робоча інструкція
Lees de werkinstructie goed door.
werkloosB1
безробітний
Hij is sinds januari werkloos.
werknemerB1
працівник
Elke werknemer heeft recht op vakantiedagen.
werkomgevingA2
робоче середовище
Ik heb een prettige werkomgeving.
werkopdrachtB1
робоче завдання
Ik kreeg een nieuwe werkopdracht van mijn leidinggevende.
werkoverlegB1
робоча нарада
Elke maandag is er werkoverleg.

