Словник
1230 слів · сторінка 21 з 50
kortA1
короткий
Het was maar een korte pauze.
kortingA2
знижка
Er is deze week korting op groente.
kortingsactieA2
акція зі знижкою
Er loopt een kortingsactie tot zondag.
kortingsbonA2
купон на знижку
Ik heb nog een kortingsbon.
kortingscodeA2
промокод
Vul de kortingscode in bij het afrekenen.
kortingskaartA2
дисконтна картка
Met een kortingskaart reis je goedkoper.
kostenA2
витрати
De kosten vallen mee.
koudA1
холодний
Het eten is koud geworden.
kraanA2
кран
De kraan lekt al een week.
krantA1
газета
Mijn vader leest elke dag de krant.
krijgenA1
отримувати
Ik heb een brief gekregen.
kruidenA2
приправи, спеції
Doe er wat kruiden bij.
kunnenA1
могти, уміти
Kun je mij helpen?
kussenA1
подушка
Dit kussen is te hard.
kwaadA2
злий, розсерджений
Hij werd kwaad om die opmerking.
kwaliteitA2
якість
De kwaliteit is goed voor die prijs.
kwartierA1
чверть години
Het duurt nog een kwartier.
laagA1
низький
De prijs is nu laag.
laatA1
пізно
Sorry dat ik te laat ben.
laatsteA1
останній
Dit is de laatste bus.
lachenA1
сміятися
We hebben veel gelachen.
lakenA1
простирадло
De lakens moeten in de was.
lampA1
лампа
De lamp in de gang is kapot.
landA1
країна
Uit welk land kom je?
langA1
довго, довгий
Het duurt niet lang.

