Словник
156 слів · сторінка 2 з 7
zelfredzaamheidB2
самостійність (у побуті)
De zorg is gericht op zelfredzaamheid van de patiënt.
zelfscankassaB2
каса самообслуговування
Bij de zelfscankassa is bijna nooit rij.
zelfspotB2
самоіронія
Zelfspot maakt iemand sympathiek.
zelfstandigB1
самостійний
Je moet in deze functie zelfstandig kunnen werken.
zelfstandigeB2
самозайнятий
Als zelfstandige regel je je eigen pensioen.
zelfstandigheidB1
самостійність
De functie vraagt veel zelfstandigheid.
zelfstudieB1
самостійне навчання
Naast de les doe ik veel zelfstudie.
zelfvertrouwenB2
впевненість у собі
Door de cursus kreeg ze meer zelfvertrouwen.
zenderB2
телеканал
Deze zender brengt vooral documentaires.
zendmastB2
вежа зв'язку
De nieuwe zendmast stuitte op bezwaren.
zendtijdB2
ефірний час
Elke partij krijgt evenveel zendtijd.
zenuwB2
нерв
Er zit een zenuw bekneld in zijn rug.
zenuwachtigA2
знервований
Ik ben zenuwachtig voor het examen.
zenuwachtigheidB2
нервовість, метушливість
Zijn zenuwachtigheid was begrijpelijk.
zenuwstelselB2
нервова система
Stress belast het zenuwstelsel.
zesA1
шість
We eten om zes uur.
zestigA1
шістдесят
Mijn vader is zestig geworden.
zettenA1
ставити
Zet de stoel bij het raam.
zeurende pijnB2
ниючий біль
Het is meer een zeurende pijn dan een scherpe.
zevenA1
сім
Een week heeft zeven dagen.
zeventigA1
сімдесят
Buiten de bebouwde kom mag je zeventig.
ziekA1
хворий
Ik ben vandaag ziek.
ziekenhuisA2
лікарня
Ze ligt sinds gisteren in het ziekenhuis.
ziekenhuisafdelingB2
відділення лікарні
Hij ligt op de ziekenhuisafdeling cardiologie.
ziekenhuisbezoekB1
візит до лікарні
Het ziekenhuisbezoek duurde twee uur.

