Je EigenRoute
ВхідРеєстрація

Словник

89 слів · сторінка 3 з 4

  • de werkplekA2

    робоче місце

    Mijn werkplek is bij het raam.

  • de werktijdA2

    робочий час

    Mijn werktijd is van acht tot vijf.

  • de werkweekA2

    робочий тиждень

    Een werkweek is hier 36 uur.

  • het westenA2

    захід (сторона світу)

    De zon gaat onder in het westen.

  • de wetA1

    закон

    Dat is bij wet verboden.

  • wetenA1неправильне

    wist · wisten · hebben geweten

    знати

    Ik weet het niet.

  • de wetenschapA2

    наука

    De wetenschap is het hier niet over eens.

  • wetenschappelijkA2

    науковий

    Er is wetenschappelijk bewijs voor deze aanpak.

  • wieA1

    хто

    Wie is dat?

  • de wijkA2

    район (міста)

    Wij wonen in een rustige wijk aan de rand van de stad.

  • de wijnA2

    вино

    Bij het eten drinken ze een glas rode wijn.

  • willenA1неправильне

    wilde · wilden · hebben gewild

    хотіти

    Ik wil graag koffie.

  • de winkelA2

    магазин

    De winkel is op zondag gesloten.

  • het winkelcentrumA2

    торговий центр

    Het winkelcentrum is net verbouwd.

  • de winkelierA2

    власник магазину

    De winkelier kent al zijn klanten.

  • de winkelketenA2

    мережа магазинів

    Deze winkelketen heeft filialen door het hele land.

  • het winkelmandjeA2

    кошик для покупок

    Voor een paar dingen pak ik een winkelmandje.

  • het winkelpersoneelA2

    персонал магазину

    Het winkelpersoneel helpt je graag.

  • de winkeltijdenA2

    години роботи магазину

    De winkeltijden staan op de deur.

  • de winkelwagenA2

    візок

    Voor een winkelwagen heb je een muntje nodig.

  • de winnaarA2

    переможець

    De winnaar krijgt een prijs van honderd euro.

  • winnenA2неправильне

    won · wonnen · hebben gewonnen

    вигравати, перемагати

    Wie heeft gisteren de wedstrijd gewonnen?

  • de winterA1

    зима

    De winter is hier nat en koud.

  • wisselenA2

    wisselde · hebben gewisseld

    міняти (гроші)

    Kunt u dit briefje van vijftig wisselen?


    змінюватися, чергуватися

    Het weer wisselt hier van uur tot uur.

  • witA1

    білий

    De muren zijn wit geverfd.