Je EigenRoute
ВхідРеєстрація

Словник

119 слів · сторінка 5 з 5

  • treinstoringA2

    збій у русі потягів

    Door een treinstoring reden er geen treinen.

  • treinvertragingB1

    затримка потяга

    Door treinvertraging kwam ik te laat op het werk.

  • trouwenA1

    одружуватися, виходити заміж

    Zij gaan in juni trouwen.

  • trouwensA2

    до речі

    Trouwens, heb je die brief al gelezen?

  • tuinA1

    сад

    We hebben een kleine tuin achter het huis.

  • tuinafvalB1

    садові відходи

    Tuinafval gaat in de groene bak.

  • tuinierenB1

    займатися садом

    In het voorjaar ga ik graag tuinieren.

  • tuinonderhoudA2

    догляд за садом

    Het tuinonderhoud doen we zelf.

  • tuinpadA1

    садова доріжка

    Het tuinpad ligt vol bladeren.

  • tuinstoelA1

    садовий стілець

    De tuinstoelen staan in de schuur.

  • tunnelA2

    тунель

    Door de tunnel ben je er sneller.

  • tussenA1

    між

    De winkel zit tussen de bank en het café.

  • twaalfA1

    дванадцять

    We eten om twaalf uur.

  • tweeA1

    два

    Ik heb twee kinderen.

  • tweedeA1

    другий

    Neem de tweede straat rechts.

  • tweedehandsA2

    вживаний

    Ik heb mijn fiets tweedehands gekocht.

  • tweelingA1

    близнюки

    Zij heeft een tweeling gekregen.

  • twintigA1

    двадцять

    Het kost twintig euro.

  • typischA2

    типовий

    Dat is typisch Nederlands.