Словник
86 слів · сторінка 4 з 4
roomA1
вершки
Wil je room bij de koffie?
roosterA2
графік, розклад
Het rooster voor volgende week hangt er.
rotondeA2
кругова розв'язка
Neem op de rotonde de tweede afslag.
routeB1
маршрут
Dit is de snelste route.
rozeA1
рожевий
Zij draagt een roze jurk.
rugA1
спина
Ik heb last van mijn rug.
rugzakA1
рюкзак
Mijn boeken zitten in mijn rugzak.
ruikenA2
пахнути, нюхати
Het ruikt hier lekker.
ruilenA2
обміняти
Kan ik deze jas ruilen?
rustA2
спокій, відпочинок
De dokter zei dat ik rust nodig heb.
rustigA2
спокійний, тихий
Het is hier lekker rustig.

