Словник
40 слів · сторінка 2 з 2
doosA1
коробка
De boeken zitten in een doos.
dorpA1
село
Zij komt uit een klein dorp.
dorstA1
спрага
Heb je dorst?
doucheA1
душ
Ik neem 's ochtends een douche.
dragenA1
носити
Hij draagt een zwarte jas.
drempelA1
поріг
Pas op voor de drempel bij de deur.
drieA1
три
De les duurt drie uur.
drinkenA1
пити
Wat wil je drinken?
dromenA1
бачити сни, мріяти
Ik droomde vannacht over mijn familie.
droogA1
сухий
De was is nog niet droog.
druifA1
виноград
Deze druiven zijn erg zoet.
duizendA1
тисяча
Er kwamen duizend bezoekers.
dunA1
тонкий
Snijd het brood dun.
durvenA1
наважуватися
Ik durf het niet te vragen.
dusA1
отже, тому
Het is laat, dus ik ga naar huis.

