Словник
52 слів · сторінка 2 з 3
muurA1
стіна
Aan de muur hangt een schilderij.
plafondA1
стеля
Het plafond is net geverfd.
plantA1
рослина
Vergeet de planten niet water te geven.
prullenbakA1
смітник (кошик)
Gooi het papier in de prullenbak.
raamA1
вікно
Het raam staat open.
schoonA1
чистий
De keuken is weer schoon.
schoorsteenA1
димар
Uit de schoorsteen komt rook.
schuurA1
сарай
De fietsen staan in de schuur.
slaapkamerA1
спальня
Wij hebben twee slaapkamers.
sleutelbosA1
в'язка ключів
Mijn sleutelbos ligt op de kast.
spiegelA1
дзеркало
Er hangt een spiegel in de gang.
stoelA1
стілець
Neem een stoel en ga zitten.
stopcontactA1
розетка
Er is hier geen stopcontact.
tafelA1
стіл
Het eten staat op tafel.
toiletA1
туалет
Waar is het toilet?
trapA1
сходи
De trap is erg steil.
tuinA1
сад
We hebben een kleine tuin achter het huis.
tuinpadA1
садова доріжка
Het tuinpad ligt vol bladeren.
tuinstoelA1
садовий стілець
De tuinstoelen staan in de schuur.
vensterbankA1
підвіконня
Op de vensterbank staan planten.
verdiepingA1
поверх
Wij wonen op de derde verdieping.
viesA1
брудний
Je schoenen zijn vies.
vloerA1
підлога
De vloer is nog nat.
voordeurA1
вхідні двері
De voordeur zit op slot.
wasmandA1
кошик для білизни
De vuile kleren liggen in de wasmand.

