Словник
5 слів · сторінка 1 з 1
oogA1
око
Er zit iets in mijn oog.
oogartsA2
офтальмолог
De huisarts stuurde mij naar de oogarts.
oorA1
вухо
Mijn oor doet pijn.
oorpijnA2
біль у вусі
Het kind heeft oorpijn.
operatieA2
операція
De operatie is goed gegaan.

