Словник
9 слів · сторінка 1 з 1
manA1
чоловік
Die man werkt in de winkel.
manierA2
спосіб
Dat is een handige manier om te oefenen.
meerA1
більше
Ik heb meer tijd nodig.
meesteA1
більшість
De meeste mensen komen met de fiets.
mensA1
людина
Hij is een aardig mens.
minderA1
менше
Ik werk nu minder uren.
mogelijkA2
можливий
Is het mogelijk om later te komen?
mogelijkheidA2
можливість
Er is nog een andere mogelijkheid.
muziekA1
музика
Ik luister graag naar muziek.

