Словник
8 слів · сторінка 1 з 1
handdoekA1
рушник
De handdoek hangt in de badkamer.
helftA1
половина (частина)
De helft van de klas was ziek.
hoekA1
кут, ріг
De bakker zit om de hoek.
hoelangA1
як довго
Hoelang woon je al in Nederland?
hoeveelA1
скільки
Hoeveel kost dit?
horlogeA1
наручний годинник
Mijn horloge loopt achter.
huisA1
дім
Ik woon in een klein huis.
hulpA2
допомога
Bedankt voor je hulp.

