Je EigenRoute
ВхідРеєстрація

Словник

407 слів · сторінка 2 з 17

  • afzenderB1

    відправник

    De afzender staat op de achterkant.

  • afzenderadresB1

    адреса відправника

    Zet je afzenderadres op de envelop.

  • akkoordverklaringB2

    заява про згоду

    Stuur een akkoordverklaring per e-mail.

  • alineaB2

    абзац

    Begin voor elk nieuw idee een alinea.

  • allerminstB2

    аж ніяк не

    Dat is allerminst zeker.

  • antwoordkaartB2

    картка-відповідь

    Stuur de antwoordkaart voor 1 juni terug.

  • argumentB2

    аргумент

    Dat is een sterk argument.

  • argumentatieB2

    аргументація

    Zijn argumentatie was niet overtuigend.

  • argumentatiefoutB2

    логічна помилка

    In dat betoog zit een duidelijke argumentatiefout.

  • articulatieB2

    артикуляція

    Let bij het spreekexamen op je articulatie.

  • bedoelenB1

    мати на увазі

    Wat bedoel je precies?

  • beeldspraakB2

    образна мова

    Hij gebruikt veel beeldspraak in zijn toespraken.

  • bekritiserenB2

    критикувати

    De pers bekritiseerde het besluit scherp.

  • belafspraakB2

    домовленість про дзвінок

    We maken een belafspraak voor dinsdag.

  • beleefdB1

    ввічливий

    Hij antwoordde kort maar beleefd.

  • beleefdheidsformuleB2

    формула ввічливості

    Elke formele brief eindigt met een beleefdheidsformule.

  • beleefdheidsvormB1

    ввічлива форма

    Gebruik in formele brieven een beleefdheidsvorm.

  • belovenB1

    обіцяти

    Hij beloofde het morgen af te maken.

  • bemiddelenB2

    виступати посередником

    Een collega bemiddelde in het conflict.

  • bemiddelingB2

    посередництво

    Na bemiddeling kwamen ze er samen uit.

  • benaderenB1

    звертатися до

    U kunt ons per e-mail benaderen.

  • benadrukkenB2

    підкреслювати

    Zij benadrukte het belang van goede afspraken.

  • berichtB1

    повідомлення

    Ik stuur je straks een bericht.

  • besprekenB1

    обговорювати

    Dat bespreken we morgen in de vergadering.

  • bestrijdenB2

    заперечувати, оскаржувати

    Hij bestrijdt die conclusie met cijfers.