Kelime Bilgisi
110 kelime · sayfa 2 / 5
genietenA1düzensiz
genoot · genoten · hebben genoten
keyif almak
Ik geniet van het rustige weekend.
gevenA1düzensiz
gaf · gaven · hebben gegeven
vermek
Geef mij het zout, alsjeblieft.
halenA1
haalde · hebben gehaald
almaya gitmek
Ik haal even brood.
hatenA1
haatte · hebben gehaat
nefret etmek
Hij haat vergaderingen.
hebbenA1düzensiz
had · hadden · hebben gehad
sahip olmak
Wij hebben twee kinderen.
(bitmiş zaman yardımcı fiili)
Ik heb de brief gisteren al geschreven.
helpenA1düzensiz
hielp · hielpen · hebben geholpen
yardım etmek
Kun je me even helpen?
hetenA1düzensiz
heette · heetten · hebben geheten
adı olmak
Hoe heet jij?
hopenA1
hoopte · hebben gehoopt
ummak
Ik hoop dat het lukt.
horenA1
hoorde · hebben gehoord
duymak
Ik hoor je niet goed.
ait olmak, dahil olmak
Deze oefening hoort bij hoofdstuk drie.
houdenA1düzensiz
hield · hielden · hebben gehouden
tutmak; sevmek (van)
Ik houd van koffie.
huilenA1
huilde · hebben gehuild
ağlamak
De baby huilt de hele nacht.
kennenA1
kende · hebben gekend
tanımak
Ken je die man?
kiezenA1düzensiz
koos · kozen · hebben gekozen
seçmek
Je moet zelf kiezen.
kijkenA1düzensiz
keek · keken · hebben gekeken
bakmak, izlemek
We kijken vanavond naar een film.
komenA1düzensiz
kwam · kwamen · zijn gekomen
gelmek
Kom je vanavond ook?
kopenA1düzensiz
kocht · kochten · hebben gekocht
satın almak
Ik koop brood bij de bakker.
krijgenA1düzensiz
kreeg · kregen · hebben gekregen
almak (edinmek)
Ik heb een brief gekregen.
kunnenA1düzensiz
kon · konden · hebben gekund
-ebilmek
Kun je mij helpen?
lachenA1düzensiz
lachte · lachten · hebben gelachen
gülmek
We hebben veel gelachen.
latenA1düzensiz
liet · lieten · hebben gelaten
bırakmak; yaptırmak
Ik laat mijn fiets repareren.
leggenA1
legde · hebben gelegd
koymak (yatay)
Leg het boek op tafel.
lerenA1
leerde · hebben geleerd
öğrenmek; öğretmek
Ik leer nu een jaar Nederlands.
levenA1
leefde · hebben geleefd
yaşamak
Mijn opa leeft nog en is al negentig jaar.
het leven
hayat
Het leven hier is heel anders.
lezenA1düzensiz
las · lazen · hebben gelezen
okumak
Lees de tekst nog een keer.
liggenA1düzensiz
lag · lagen · hebben gelegen
yatmak, bulunmak
Het boek ligt op tafel.

