Kelime Bilgisi
48 kelime · sayfa 1 / 2
het haarA1
saç
Zij heeft lang haar.
onun (kadın için)
Anna zoekt haar sleutels in haar tas.
de haastA2
acele
Ik heb haast, want mijn bus vertrekt zo.
de hagelslagA1
çikolata kırıntısı
Nederlandse kinderen eten hagelslag op brood.
de halteA2
durak
De halte is om de hoek.
de hamA1
jambon
Ik neem een boterham met ham.
de handA1
el
Was je handen voor het eten.
de handdoekA1
havlu
De handdoek hangt in de badkamer.
de handtekeningA2
imza
Zet hier onderaan het formulier uw handtekening.
het hartA1
kalp
Mijn hart klopt snel.
de hartslagA1
kalp atışı
Mijn hartslag gaat snel na het sporten.
de havenA2
liman
De boot ligt in de haven van Den Helder.
het hekA1
çit, kapı (bahçe)
Doe het hek achter je dicht.
de helftA1
yarısı
De helft van de klas was ziek.
de herfstA1
sonbahar
In de herfst waait het vaak hard.
de herhalingA2
tekrar
Volgende week is er een herhaling van de grammatica.
de hersenenA1
beyin
Slaap is belangrijk voor je hersenen.
het herstelA2
iyileşme
Beterschap en een goed herstel!
de heupA1
kalça
Mijn oma heeft een nieuwe heup.
de hoedA2
şapka
In de zon draagt mijn opa altijd een hoed.
de hoekA1
köşe
De bakker zit om de hoek.
de hoestdrankA2
öksürük şurubu
Neem 's avonds wat hoestdrank.
de hoeveelheidA2
miktar
Gebruik een kleine hoeveelheid zout.
de hondA1
köpek
De hond moet hier aangelijnd zijn.
de hongerA1
açlık
Ik heb honger.
de honingA1
bal
Doe wat honing in je thee.

