Kelime Bilgisi
144 kelime · sayfa 1 / 6
aardappelA1
patates
We eten vanavond aardappelen.
aardbeiA1
çilek
In juni zijn de aardbeien het lekkerst.
afwassenA2
bulaşık yıkamak
Wie wast er vanavond af?
appelA1
elma
Ik neem een appel mee naar mijn werk.
avondetenA2
akşam yemeği
Het avondeten is om zes uur.
azijnA1
sirke
Doe wat azijn in de salade.
bakkenA2
kızartmak, pişirmek
Ik bak een ei voor het ontbijt.
bakkerA2
fırın
Ik haal brood bij de bakker.
banaanA1
muz
Wil je een banaan?
bedervenA2
bozulmak
Vlees bederft snel in de warmte.
bereidenA2
hazırlamak (yemek)
Dit gerecht is makkelijk te bereiden.
bereidingstijdA2
hazırlama süresi
De bereidingstijd is twintig minuten.
bestellenA2
sipariş vermek
Zullen we pizza bestellen?
biologischA2
organik
Deze groente is biologisch geteeld.
bitterA2
acı (tat)
Zwarte koffie smaakt bitter.
blikjeA2
kutu (teneke)
In de koelkast staat nog een blikje.
bloemkoolA1
karnabahar
Vanavond eten we bloemkool.
boodschappenA2
market alışverişi
Ik doe zaterdag boodschappen.
boonA1
fasulye
Er staan bonen op het menu.
bordA1
tabak
Zet de borden op tafel.
boterA1
tereyağı
Doe wat boter op je brood.
boterhamA1
ekmek dilimi
Ik neem twee boterhammen mee.
broodA1
ekmek
Ik eet elke ochtend brood.
champignonA1
mantar
In de saus zitten champignons.
chocoladeA1
çikolata
Zij houdt van donkere chocolade.

