Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

1493 слов · страница 49 из 60

  • uiA1

    лук

    Van een ui moet ik huilen.

  • uitgaanslevenB1

    ночная жизнь

    Het uitgaansleven in de stad is levendig.

  • uitgaveA2

    трата, расход

    Dit is een grote uitgave voor ons.

  • uitgavenB1

    расходы

    Mijn uitgaven zijn hoger dan vorig jaar.

  • uitjeB1

    выезд, вылазка

    We doen jaarlijks een uitje met het team.

  • uitkeringB1

    пособие

    Hij ontvangt tijdelijk een uitkering.

  • uitlegB1

    объяснение

    Bedankt voor de duidelijke uitleg.

  • uitnodigingB1

    приглашение

    Bedankt voor de uitnodiging!

  • uitslagB1

    результат (анализа); сыпь

    De uitslag van het bloedonderzoek is goed.

  • uitspraakA2

    произношение

    Je uitspraak is al veel beter.

  • uitspraakfoutB1

    ошибка в произношении

    Een kleine uitspraakfout is niet erg.

  • uitspraakregelB1

    правило произношения

    Deze uitspraakregel geldt voor bijna alle woorden.

  • uitverkochtA2

    распродано

    Die maat is helaas uitverkocht.

  • uitverkoopA2

    распродажа

    In januari is er uitverkoop.

  • uniformA2

    форма

    Op dit werk draag je een uniform.

  • universiteitB1

    университет

    Zij studeert aan de universiteit van Leiden.

  • uurA1

    час

    De les duurt één uur.

  • vaardigheidB1

    навык

    Communiceren is een belangrijke vaardigheid.

  • vacatureB1

    вакансия

    Er staat een vacature op hun website.

  • vaccinatieB1

    вакцинация

    De vaccinatie is gratis.

  • vaccinatieprogrammaB1

    программа вакцинации

    Kinderen krijgen prikken via het vaccinatieprogramma.

  • vaderA1

    отец

    Mijn vader kookt heel goed.

  • vakB1

    предмет

    Wiskunde is mijn favoriete vak.

  • vakantieB1

    отпуск, каникулы

    We gaan deze zomer op vakantie naar Spanje.

  • vakantieaanvraagA2

    заявление на отпуск

    Doe je vakantieaanvraag op tijd.