Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

2021 слов · страница 38 из 81

  • luchthavenA2

    аэропорт

    Schiphol is de grootste luchthaven van Nederland.

  • luchtkwaliteitB1

    качество воздуха

    In de stad is de luchtkwaliteit slechter.

  • luciferA1

    спичка

    Heb je een lucifer?

  • luisterenA2

    слушать

    Luister goed naar de vraag.

  • luisteroefeningB1

    упражнение на аудирование

    We beginnen met een luisteroefening.

  • luisterstrategieB1

    стратегия аудирования

    Een goede luisterstrategie helpt bij het examen.

  • luistervaardigheidB1

    навык аудирования

    Voor luistervaardigheid oefen ik met podcasts.

  • lukkenA2

    удаваться

    Het is me gelukt!

  • lunchA1

    обед

    De lunch is om half een.

  • maagA1

    желудок

    Ik heb last van mijn maag.

  • maaltijdA2

    приём пищи

    Dit is de belangrijkste maaltijd van de dag.

  • maandA1

    месяц

    Volgende maand ga ik op vakantie.

  • maandagA1

    понедельник

    Op maandag begin ik om negen uur.

  • maandbedragA2

    ежемесячная сумма

    Het maandbedrag is 45 euro.

  • maandelijksA1

    ежемесячно

    De huur betaal je maandelijks.

  • maandlastenB1

    ежемесячные расходы

    Mijn maandlasten zijn dit jaar gestegen.

  • maarA1

    но

    Ik wil komen, maar ik heb geen tijd.

  • maartA1

    март

    De cursus start in maart.

  • maatA2

    размер

    Heeft u dit in een grotere maat?

  • magnetronA2

    микроволновка

    Warm het even op in de magnetron.

  • mailenA2

    отправлять по почте (эл.)

    Ik mail je de documenten vanavond.

  • makenA1

    делать, изготавливать

    Ik maak het eten klaar.

  • makkelijkA1

    лёгкий

    Deze oefening is makkelijk.

  • manA1

    мужчина

    Die man werkt in de winkel.

  • manierA2

    способ

    Dat is een handige manier om te oefenen.