Словарь
2767 слов · страница 32 из 111
geweldigA2
потрясающий, отличный
Het concert gisteren was echt geweldig!
het gewichtB1
вес
Hij is de laatste tijd op gewicht gebleven.
gewondA2
раненый
Bij het ongeluk raakte niemand gewond.
gewoonA1
обычный; просто
Het was een gewone dag op kantoor.
de gewoonteA2
привычка
Vroeg opstaan is een goede gewoonte.
gezelligB1
уютный, приятный
Het was een gezellige avond.
de gezelligheidB1
уют, приятная атмосфера
Ik kom vooral voor de gezelligheid.
het gezelschapB1
компания, общество
Hij houdt van gezelschap.
het gezelschapsspelB1
настольная игра
's Avonds doen we een gezelschapsspel.
het gezichtA1
лицо
Was je gezicht met koud water.
het gezinA1
семья (домохозяйство)
Ons gezin bestaat uit vier personen.
gezondA2
здоровый
Hij eet heel gezond.
de gezondheidB1
здоровье
Zorg goed voor je gezondheid.
het gezondheidscentrumB1
медицинский центр
In het gezondheidscentrum zitten meerdere huisartsen.
de gezondheidscheckB1
проверка здоровья, чекап
Mijn werkgever betaalt een jaarlijkse gezondheidscheck.
de gezondheidsklachtB1
жалоба на здоровье
Meld gezondheidsklachten altijd bij je huisarts.
de gezondheidstoestandA2
состояние здоровья
Zijn gezondheidstoestand is stabiel.
de gezondheidsvoorlichtingB1
просвещение по здоровью
Scholen geven gezondheidsvoorlichting.
het gipsA2
гипс
Zijn arm zit zes weken in het gips.
gisteravondA2
вчера вечером
Gisteravond hebben we lekker gegeten bij vrienden.
gisterenA1
вчера
Gisteren was ik ziek.
het glasA1
стакан
Mag ik een glas water?
стекло
De deur van de keuken is van hout en glas.
goedA1
хороший
Het gaat goed met mij.
goedemorgenA1
доброе утро
Goedemorgen, komt u binnen.
de goedenavondA1
добрый вечер
Goedenavond, komt u binnen.

