Словарь
1053 слов · страница 30 из 43
de roomA1
сливки
Wil je room bij de koffie?
het roosterA2
график, расписание
Het rooster voor volgende week hangt er.
de rotondeA2
круговое движение
Neem op de rotonde de tweede afslag.
de rugA1
спина
Ik heb last van mijn rug.
de rugzakA1
рюкзак
Mijn boeken zitten in mijn rugzak.
de rustA2
покой, отдых
De dokter zei dat ik rust nodig heb.
de ruzieA2
ссора
Ze hebben ruzie over geld.
de saladeA1
салат
Bij het vlees eten we salade.
het salarisA2
зарплата
Het salaris wordt aan het einde van de maand betaald.
de salarisschaalA2
тарифная сетка
Ik zit in salarisschaal 7.
de salarisstrookA2
расчётный лист
Bewaar je salarisstrook goed.
de samenlevingA2
общество
De samenleving verandert snel.
de samenwerkingA2
сотрудничество
De samenwerking tussen de afdelingen verloopt goed.
het sapA1
сок
Een glas sap, alstublieft.
de sausA1
соус
Wil je saus bij de patat?
de schaarA1
ножницы
Heb je een schaar voor me?
het schermA2
экран (телефона, кино)
Het scherm van mijn laptop is kapot.
het schilderijA2
картина
Het schilderij hangt in het Rijksmuseum.
de schimmelA2
плесень
In de badkamer zit schimmel op de muur.
het schipA2
корабль, судно
Het schip vaart vanavond van Rotterdam naar Engeland.
de schoenA1
туфля, ботинок
Deze schoen past niet, hij is te klein.
de schoolA1
школа
Mijn kinderen gaan hier naar school.
de schoolgidsA2
школьный справочник
In de schoolgids staan alle regels.
het schoolrapportA2
табель успеваемости
Het schoolrapport komt in juli.
de schooltijdA2
школьное время
Na schooltijd gaan de kinderen naar de opvang.

