Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

804 слов · страница 30 из 33

  • vriendinA1

    подруга, девушка

    Mijn vriendin komt uit Spanje.

  • vriendschapA1

    дружба

    Onze vriendschap duurt al twintig jaar.

  • vriezerA2

    морозильник

    Het brood ligt in de vriezer.

  • vrijA1

    свободный

    Is deze stoel vrij?

  • vrijdagA1

    пятница

    Vrijdag werk ik thuis.

  • vroegA1

    рано

    Ik sta elke dag vroeg op.

  • vroegerA2

    раньше

    Vroeger woonde ik in een dorp.

  • vrouwA1

    женщина

    De vrouw leest een boek.

  • waardeA2

    стоимость, ценность

    De waarde van het huis is gestegen.

  • wachtkamerA2

    приёмная

    Neemt u plaats in de wachtkamer.

  • wachtwoordA2

    пароль

    Ik ben mijn wachtwoord vergeten.

  • wangA1

    щека

    Haar wangen zijn rood van de kou.

  • wasdrogerA2

    сушильная машина

    In de winter gebruik ik de wasdroger.

  • wasgoedA2

    бельё (для стирки)

    Het wasgoed hangt buiten te drogen.

  • wasmachineA2

    стиральная машина

    De wasmachine is kapot.

  • wasmandA1

    корзина для белья

    De vuile kleren liggen in de wasmand.

  • wastafelA2

    умывальник

    De kraan van de wastafel lekt.

  • waterA1

    вода

    Drink veel water op een warme dag.

  • webshopA2

    интернет-магазин

    Ik bestel het liever in een webshop.

  • weekA1

    неделя

    Deze week werk ik thuis.

  • weekdagA1

    будний день

    Op weekdagen sta ik vroeg op.

  • weekendA1

    выходные

    In het weekend werk ik niet.

  • wegA1

    дорога

    Deze weg gaat naar het centrum.

  • welkomA1

    добро пожаловать

    Welkom bij ons thuis!

  • wereldA1

    мир

    Nederlandse kaas is bekend in de hele wereld.