Словарь
5046 слов · страница 200 из 202
zondagA1
воскресенье
Zondag zijn veel winkels dicht.
zonderA1
без
Koffie zonder suiker, alstublieft.
zonlichtB1
солнечный свет
De kamer krijgt veel zonlicht.
zonne-energieB1
солнечная энергия
Wij wekken zelf zonne-energie op.
zonnepaneelB2
солнечная панель
Steeds meer huizen hebben zonnepanelen.
zonneparkB2
солнечная электростанция
Het zonnepark ligt naast de snelweg.
zonsondergangB1
закат
We keken naar de zonsondergang op het strand.
zonsopgangB1
восход солнца
In de zomer is de zonsopgang heel vroeg.
zonurenB2
часы солнечного сияния
Deze maand telde weinig zonuren.
zonweringB2
солнцезащита
Met zonwering blijft het binnen koel.
zoogdierB2
млекопитающее
De vleermuis is het enige vliegende zoogdier.
zoomB2
подол, подгиб
De zoom van de broek is te lang.
zoonA1
сын
Hun zoon gaat naar school.
zorgaanbodB2
предложение медуслуг
Het zorgaanbod in de regio is beperkt.
zorgafspraakB1
приём в медучреждении
Ik moet mijn zorgafspraak verzetten.
zorgbehoefteB2
потребность в уходе
De zorgbehoefte van ouderen neemt toe.
zorgcapaciteitB2
мощность системы здравоохранения
De zorgcapaciteit was tijdens de epidemie ontoereikend.
zorgcoördinatorB2
координатор ухода
De zorgcoördinator stemt alle hulp op elkaar af.
zorgdossierB2
карта ухода
Alles wordt bijgehouden in het zorgdossier.
zorgenA2
обеспечивать; заботиться
Ik zorg dat het op tijd klaar is.
zorgethiekB2
этика ухода
Zorgethiek gaat over wat goede zorg is.
zorgfinancieringB2
финансирование здравоохранения
De zorgfinanciering staat onder druk.
zorgindicatieB1
заключение о потребности в уходе
Voor thuiszorg heb je een zorgindicatie nodig.
zorginnovatieB2
инновации в здравоохранении
Zorginnovatie kan personeelstekorten verlichten.
zorgketenB2
цепочка оказания помощи
De zorgketen loopt van huisarts tot specialist.

