Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

612 слов · страница 12 из 25

  • lichaamA1

    тело

    Beweging is goed voor je lichaam.

  • lichtA1

    свет

    Doe het licht even aan.

  • lieverA1

    лучше, предпочтительнее

    Ik drink liever thee.

  • liggenA1

    лежать, находиться

    Het boek ligt op tafel.

  • lijkenA1

    казаться

    Het lijkt me een goed idee.

  • limonadeA1

    лимонад

    De kinderen krijgen limonade.

  • linksA1

    налево

    Sla bij de kerk links af.

  • lipA1

    губа

    Mijn lippen zijn droog van de kou.

  • longA1

    лёгкое

    Roken is slecht voor je longen.

  • lopenA1

    ходить пешком

    Ik loop elke dag naar mijn werk.

  • luciferA1

    спичка

    Heb je een lucifer?

  • lunchA1

    обед

    De lunch is om half een.

  • maagA1

    желудок

    Ik heb last van mijn maag.

  • maandA1

    месяц

    Volgende maand ga ik op vakantie.

  • maandagA1

    понедельник

    Op maandag begin ik om negen uur.

  • maandelijksA1

    ежемесячно

    De huur betaal je maandelijks.

  • maarA1

    но

    Ik wil komen, maar ik heb geen tijd.

  • maartA1

    март

    De cursus start in maart.

  • makenA1

    делать, изготавливать

    Ik maak het eten klaar.

  • makkelijkA1

    лёгкий

    Deze oefening is makkelijk.

  • manA1

    мужчина

    Die man werkt in de winkel.

  • matrasA1

    матрас

    Dit matras is te zacht voor mij.

  • meelA1

    мука

    Voor dit recept heb je meel nodig.

  • meerA1

    больше

    Ik heb meer tijd nodig.

  • meesteA1

    большинство

    De meeste mensen komen met de fiets.