Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

404 слов · страница 4 из 17

  • veilingB2

    аукцион

    Het schilderij ging op een veiling weg.

  • veldritB2

    велокросс

    In de winter kijken veel mensen naar de veldrit.

  • vensterbankA1

    подоконник

    Op de vensterbank staan planten.

  • ventilatieA2

    вентиляция

    Goede ventilatie voorkomt schimmel.

  • verA1

    далеко

    Is het nog ver?

  • verachtenB2

    презирать

    Hij veracht elke vorm van oneerlijkheid.

  • verafschuwenB2

    питать отвращение

    Hij verafschuwt elke vorm van geweld.

  • veranderenA2

    менять(ся)

    Er is veel veranderd dit jaar.

  • veranderingA2

    изменение

    Dat is een grote verandering voor ons.

  • verandertrajectB2

    программа преобразований

    Het verandertraject loopt over twee jaar.

  • verantwoordelijkB1

    ответственный

    Iedereen is verantwoordelijk voor zijn eigen afval.

  • verantwoordelijkheidB1

    ответственность

    Zij krijgt steeds meer verantwoordelijkheid.

  • verantwoordelijkheidsgebiedB2

    зона ответственности

    Dit hoort niet bij mijn verantwoordelijkheidsgebied.

  • verantwoordenB1

    обосновывать, отчитываться

    Je moet je keuzes kunnen verantwoorden.

  • verantwoordingB2

    обоснование, отчёт

    In de verantwoording legt de auteur zijn keuzes uit.

  • verantwoordingsplichtB2

    обязанность отчитываться

    Bestuurders hebben een verantwoordingsplicht.

  • verbaasdA2

    удивлённый

    Ik was verbaasd over zijn antwoord.

  • verbandA2

    повязка, бинт

    Doe er even een verband omheen.

  • verbandtrommelB2

    аптечка

    In elke auto hoort een verbandtrommel.

  • verbazenB2

    удивлять

    Zijn reactie verbaasde iedereen.

  • verbazingB2

    удивление

    Tot mijn verbazing kwam hij toch.

  • verbeterenA2

    улучшать(ся)

    Mijn Nederlands is dit jaar verbeterd.

  • verbeterplanB2

    план улучшений

    Na de audit volgde een verbeterplan.

  • verbiedenA2

    запрещать

    Roken is in het gebouw verboden.

  • verbitteringB2

    ожесточение, горечь

    Uit zijn woorden sprak verbittering.